Er werd écht naar me geluisterd

“Ik vertrouw niemand meer. Het heeft helemaal geen zin om mijn problemen te bespreken. Er gebeurt toch niets mee”, verzucht de 15-jarige Janine. Niet zo vreemd als blijkt dat het meisje in 6 jaar tijd op 16 verschillende plekken heeft gewoond en in die tijd 8 voogden heeft gehad. Uiteindelijk is ze beland in een gesloten jeugdhulpinstelling. Daar praat ze met de vertrouwenspersoon van het AKJ die wekelijks op bezoek komt op de groep.

Janine’s vertrouwenspersoon vertelt: “Jongeren in gesloten instellingen hebben vaak geen vertrouwen meer in de jeugdhulpverlening. Heel begrijpelijk want in de praktijk blijkt ook dat ze door al die verhuizingen niet de juiste hulp hebben gekregen. Of geen zin meer hebben hun problemen wéér te vertellen aan de zoveelste hulpverlener. Mijn doel is om dat geschonden vertrouwen te doorbreken.

In het geval van Janine heb ik haar geadviseerd om over haar problemen te praten met de gedragswetenschapper van de instelling. Ook bood ik aan om bij dat gesprek aanwezig te zijn. Dat laatste hoefde niet, dat kon ze prima zelf. Maar ze was er van overtuigd dat zo’n gesprek niks zou opleveren. Dan overleg ik met haar: zal ik de gedragswetenschapper vertellen dat je wel wilt praten, maar dat jouw ervaring met dit soort gesprekken is dat er vervolgens niks verandert? Dat vond ze goed.

Dezelfde dag bel ik naar de gedragswetenschapper en benadruk hoe belangrijk het is voor het meisje om gehoord te worden en dat er ook echt iets in haar situatie verandert. De gedragswetenschapper pakt mijn verzoek direct op en gaat de volgende dag in gesprek met Janine. Tijdens mijn volgende groepsbezoek vraag ik haar hoe het gesprek is verlopen. Ze vertelt dat het een heel prettig gesprek was. De gedragswetenschapper had de besproken problemen – met haar instemming – voorgelegd aan de medewerkers van de instelling. Al snel merkt Janine dat dit een positief effect heeft op de houding van de medewerkers en hoe zij met haar omgaan. “Voor het eerst voelde ik écht dat er naar me werd geluisterd”, zei ze met verbazing in haar stem.

Mijn inzet is dat jongeren hun problemen bespreekbaar blijven maken. Dat kan bij mij, maar ik stimuleer hen altijd te praten met de betrokken hulpverleners. Ze nemen je echter niet zomaar in vertrouwen. Dat gaat stapje voor stapje. Juist daarom is het belangrijk dat wij jongeren in gesloten instellingen regelmatig bezoeken. Dan kan ik regelmatig checken bij een jongere hoe het gaat en of ik nog iets kan doen. Want als vertrouwenspersonen kun je pas echt iets betekenen als je het vertrouwen van jongeren hebt gewonnen.


De naam Janine in dit praktijkvoorbeeld is fictief.

(Elk verhaal van een kind, jongere of (pleeg)ouder is uniek. Elke klacht over jeugdhulp vraagt dan ook om een andere oplossing. Als jij een klacht hebt, doen onze vertrouwenspersonen hun uiterste best om jou te helpen. Daar kun je altijd op rekenen.)

Terug naar alle verhalen