Geen idee waarom

Sinds januari zit Donovan (niet zijn echte naam) op een open leefgroep. De vertrouwenspersoon spreekt hem drie dagen nadat hij daar is geplaatst. Donovan heeft geen idee waarom hij daar zit.

De jeugdbeschermer moet de machtiging nog opsturen waarin de reden staat. In januari en februari weet hij nog steeds niets. De mentor vertelt dat de jeugdbeschermer niet duidelijk is. Ook de behandelcoördinator krijgt geen duidelijke antwoorden. Verder geven zowel de mentor als de behandelcoördinator aan dat de jeugdbeschermer slecht bereikbaar is en geen contact zoekt.

Begin maart vraagt Donovan hulp van de vertrouwenspersoon bij het indienen van een klacht over zijn jeugdbeschermer. Daarin staat onder andere dat hij geen informatie krijgt over de redenen waarom hij op de leefgroep zit en wat zijn leerdoelen moeten zijn. Verder is hem niets verteld over hoe zijn vervolgtraject eruit ziet, heeft hij nooit een ‘echt’ kennismakingsgesprek gevoerd met de jeugdbeschermer en kan hij de jeugdbeschermer niet bereiken.

De week erop vindt het klachtgesprek plaats. Het blijkt dat Donovan nog steeds de stukken van de rechtszaak over de uithuisplaatsing niet heeft ontvangen. Ter plekke lezen ze de stukken. Donovan geeft aan wat er wel en wat er niet klopt. De vertrouwenspersoon leidt het gesprek, grijpt in, bemiddelt en legt uit aan Donovan en de jeugdbeschermer dat ze het niet eens hoeven te worden.

Daarnaast krijgt Donovan ondersteuning door vragen te stellen over de leerdoelen en ideeën voor een vervolgplek bij de jeugdbeschermer. De vertrouwenspersoon maakt ook het onderwerp pleeggezinnen bespreekbaar en helpt Donovan om zijn wens hierover te ontdekken en uit te spreken. De afspraak is nu dat Donovan samen met zijn mentor gaat onderzoeken of er mensen in zijn netwerk zijn die netwerkpleeggezin kunnen worden. Al met al neemt men Donovan nu serieus én hij is betrokken bij de keuzes.

Terug naar alle verhalen