Halal eten op de groep

Een 12-jarig meisje verblijft in een crisisgroep. Ze wil daar graag halal eten, dat doet ze thuis ook. Ze heeft dat gevraagd aan de groepsleiding. Die heeft de moeder van het meisje ingeschakeld.

Zij brengt een aantal keren halal eten voor haar dochter. De moeder zegt dat ze dit niet kan volhouden omdat er veel spanning is tussen haar en haar dochter. Die spanning werkt door op de hele groep.

Het meisje vraagt nogmaals aan de groepsleiding of ze bij het koken rekening met haar wens willen houden. Als dat niet gebeurt, roept ze de hulp in van de vaste vertrouwenspersoon van de groep. Die legt haar uit dat de instelling rekening moet houden met haar geloof. En dus ook met feit dat zij bepaalde dingen niet kan eten. Dit is namelijk één van de rechten die kinderen hebben, dus ook als ze in een instelling voor jeugdhulp verblijven.

Samen praten ze met haar mentor over haar wens. Die vertelt dat het praktisch niet haalbaar is. De vertrouwenspersoon legt dat het meisje er recht op heeft en verwijst de mentor ook naar het ‘Ken je rechten’-boekje van het AKJ. De mentor geeft aan dat zij dit helemaal niet wist en belooft het te bespreken met haar collega’s en de leidinggevende. Een dag na het gesprek vertelt de mentor dat ze ervoor zorgen dat het meisje toch halal kan eten. Het is inderdaad een recht, zoals het ook in het ‘Ken je rechten’-boekje staat.

(Elk verhaal van een kind, jongere of (pleeg)ouder is uniek. Elke klacht over jeugdhulp vraagt dan ook om een andere oplossing. Als jij een klacht hebt, doen onze vertrouwenspersonen hun uiterste best om jou te helpen. Daar kun je altijd op rekenen.)


Meer weten over jouw rechten in de jeugdhulp?
Lees een van de ‘Ken je rechten’-boekjes:

Terug naar alle verhalen