Nare dromen

Een jongere van 17 jaar met autisme en een licht verstandelijke beperking vertelt tijdens een groepsbezoek dat hij met de vertrouwenspersoon wil praten. Hij vertelt dat hij weer nare dromen heeft.

De vertrouwenspersoon vraagt of hij dit al met zijn persoonlijk begeleider/mentor heeft besproken. ‘Nee’, is het antwoord. Op de vraag of hij dit dan samen wil doen, is het antwoord: ‘Ja graag’. Gelukkig is die dag ook de persoonlijk begeleider van de jongen aanwezig. De vertrouwenspersoon vraagt of hij erbij komt zitten. De jongen vertelt aan de persoonlijk begeleider dat hij weer nare dromen heeft. De begeleider pakt het goed op. Inmiddels heeft de jongen al meermalen samen met de vertrouwenspersoon verteld welke rol de nare dromen in zijn leven spelen. Daarna durft de jongen het zelf steeds aan te geven bij zijn persoonlijk begeleider als hij naar gedroomd heeft.

(Elk verhaal van een kind, jongere of (pleeg)ouder is uniek. Elke klacht over jeugdhulp vraagt dan ook om een andere oplossing. Als jij een klacht hebt, doen onze vertrouwenspersonen hun uiterste best om jou te helpen. Daar kun je altijd op rekenen.)

Terug naar alle verhalen