Oude en nieuwe brief

Een vader ontvangt een brief van de Jeugdbescherming. Hij is er niet blij mee. In de brief staan nogal heftige beweringen over het gedrag van vader en zijn relatie met de kinderen.

De vader is geschrokken en hij is het eigenlijk ook niet eens met het beeld dat ze van hem schetsen. De brief is niet alleen naar hem, maar ook naar een andere instelling gestuurd. Hij wil dat de inhoud van de brief wordt aangepast en dat die nieuwe versie in het dossier komt. Maar ja, doet hij daar goed aan? De vader is bang dat, wanneer hij zijn onvrede uit, dit tegen hem gebruikt gaat worden en er misschien een ondertoezichtstelling (OTS) voor zijn kinderen komt. De vader zoekt contact met het AKJ om advies te vragen. De vertrouwenspersoon vertelt hem dat het goed is om aan te geven dat hij het ergens niet mee eens is. Hij heeft ook het recht om aanpassing van stukken te vragen als er onjuiste informatie in staat. Dossiers worden lange tijd bewaard en dan is het niet goed als daar onjuiste informatie in staat. De vertrouwenspersoon helpt de vader om zijn bezwaren te verwoorden. Samen stellen ze een brief op. Dat is de aanleiding voor een gesprek tussen de vader, de vertrouwenspersoon en de medewerker en teammanager van Jeugdbescherming. De brief die de vader in eerste instantie had ontvangen, wordt vernietigd. Er komt een nieuwe brief waarin de kritiek van de vader is verwerkt. Die brief gaat in het dossier. En naar de instelling die eerder de andere brief had ontvangen.

(Elk verhaal van een kind, jongere of (pleeg)ouder is uniek. Elke klacht over jeugdhulp vraagt dan ook om een andere oplossing. Als jij een klacht hebt, doen onze vertrouwenspersonen hun uiterste best om jou te helpen. Daar kun je altijd op rekenen.)

Terug naar alle verhalen