Wijkcoach krijgt berisping van tuchtcollege

“Is het handelen van een jeugdprofessional in strijd met de gedrags­- en beroepsregels, oftewel de professionele standaard van de beroepsgroep? Dat is de vraag waar het tuchtcollege over oordeelt. Tuchtzaken zijn bijna altijd erg complex en vergen een lange adem. Zo ook in de zaak van meneer Smit, de vader van 7-­jarig Valerie. Hij daagt de wijkcoach die lange tijd betrokken was bij het gezin voor het tuchtcollege.

Valerie woont hoofdzakelijk bij haar moeder en af en toe bij haar vader. De ouders zijn gescheiden. Er is mogelijk sprake geweest van misbruik van het meisje door de nieuwe partner van de moeder. In de maanden erna onderneemt de wijkcoach allerlei stappen, maar gaat daarin volgens meneer Smit onzorgvuldig te werk. De vader verwijt de wijkcoach onder andere dat hij onvoldoende heeft gedaan om uit te zoeken of er sprake was van seksueel grensoverschrijdend gedrag, dat hij zonder toestemming informatie heeft gedeeld en onzorgvuldig is geweest in de dossieropbouw.

Op basis van uitgebreide gesprekken met meneer Smit en zijn uitvoerig opgebouwde dossier, geef ik hem advies over welke van zijn klachten zich lenen voor de tuchtprocedure en welke onderbouwing daarbij nodig is. Dat resulteert uiteindelijk in een klaagschrift met in totaal vijf klachtonderdelen. Belangrijk daarbij is om heel puntsgewijs en gestructureerd de feiten op te sommen en deze te onderbouwen met bewijsmateriaal.

Twee maanden nadat we het klaagschrift hebben ingediend bij het tuchtcollege, ontvangen we het verweer van de wijkcoach. Meneer Smit en ik nemen het verweer pagina voor pagina door en stemmen af wat van belang is om hierover op de hoorzitting toe te lichten. Ook bespreken we welke rol meneer Smit voor mij als vertrouwenspersoon ziet tijdens de zitting. Desgewenst kan ik namelijk het woord voeren voor een cliënt die dat zelf moeilijk vindt. Meneer Smit wil het college zelf toespreken. Hij vraagt wel of dat ik tijdens de zitting zonodig zijn woorden kan bevestigen of versterken.

Op basis van mijn advies en suggesties stelt meneer Smit een heldere pleitnota op. Voorafgaand aan de zitting nemen we de pleitnota nogmaals uitgebreid door en bespreken een laatste keer hoe de zitting procedureel zal lopen. Ondanks zijn zenuwen lukt het meneer Smit ter zitting heel goed zijn verhaal rustig en duidelijk te vertellen en de vragen van het tuchtcollege te beantwoorden. Na afloop vertelt hij dat hij zich zeer serieus genomen voelt door het college.

Zes weken later volgt de uitspraak. Van de vijf klachten zijn er drie gegrond verklaard, twee deels gegrond en deels ongegrond. Het tuchtcollege legt als maatregel ‘berisping zonder openbaarmaking’ op. Meneer Smit is erg tevreden over deze uitspraak. Voor hem is het belangrijk dat nu officieel erkend is dat de wijkcoach verkeerd heeft gehandeld.”


Het verhaal komt uit de praktijk van Mark Kranenburg, vertrouwenspersoon tuchtzaken. De namen van de vader en dochter in dit praktijkvoorbeeld zijn fictief.

(Elk verhaal van een kind, jongere of (pleeg)ouder is uniek. Elke klacht over jeugdhulp vraagt dan ook om een andere oplossing. Als jij een klacht hebt, doen onze vertrouwenspersonen hun uiterste best om jou te helpen. Daar kun je altijd op rekenen.)

Terug naar alle verhalen