Ik ben het niet eens met een beperkende/controlerende maatregel. Wat kan ik doen?

Ben je het niet eens met een beperkende of controlerende maatregel, dan kan je dit bespreken met de groepsleiding of je mentor, maar ook met de teamleider of je gedragswetenschapper. Je kan dan bespreken waarom je het er niet mee eens bent en meer uitleg krijgen over waarom ze hiervoor gekozen hebben.

Daarnaast kan je hierover een klacht indienen bij de klachtencommissie. Dit kan je doen nadat je er bijvoorbeeld met je gedragswetenschappen over hebt gesproken en je het er nog steeds niet mee eens bent. Je mag ook meteen een klacht indienen bij de klachtencommissie. Wil je dat de klachtencommissie ermee aan de slag gaat, dan moet je je klacht op papier zetten en bij hen inleveren. De groepsleiding kan je daarbij helpen.

Heb je liever hulp van iemand van buiten de instelling, dan kan de vertrouwenspersoon vragen je te helpen. Zij of hij kan je je helpen om je klacht op papier te zetten en kan met jou meegaan naar het klachtgesprek of een klachtzitting bij de klachtencommissie.

Een instelling mag trouwens alleen een beperkende of controlerende maatregel opleggen als die in je behandel-/hulpverleningsplan staat (of als er een noodsituatie is). Ook al staat de beperkende maatregel in je behandel-/hulpverleningsplan, dan nog mogen ze die alleen opleggen als het echt niet anders kan. Bijvoorbeeld omdat het onveilig is voor jou of voor anderen op de groep.

Terug naar alle vragen